49. Economische verdragen (EGKS en EEG)

Geschiedenis icoon
Geschiedenis
VMBO-BBB. Historisch overzicht vanaf 1900

Economische verdragen: EGKS en EEG in de geschiedenis na 1900

Stel je voor dat Europa na de Tweede Wereldoorlog een puinhoop is: steden in puin, economieën kapot en landen die elkaar wantrouwen, vooral Frankrijk en Duitsland. Niemand wil nog een oorlog, dus zoeken leiders naar manieren om samen te werken, vooral op economisch gebied. Dat leidde tot belangrijke verdragen zoals de EGKS en de EEG, die de basis legden voor wat we nu kennen als de Europese Unie. Deze economische verdragen waren slim bedacht om handel te stimuleren, afhankelijkheid te creëren en vrede te bewaren. Ze passen perfect in het historische overzicht vanaf 1900, omdat ze laten zien hoe Europa zich herstelde van twee wereldoorlogen en de Koude Oorlog. Voor je examen Geschiedenis BB is het cruciaal om te snappen wat deze verdragen precies waren, wanneer ze werden gesloten, door welke landen en waarom ze zo belangrijk waren. Laten we ze stap voor stap doornemen, zodat je het kunt reproduceren op je toets.

De Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS): de eerste stap naar eenheid

De EGKS was het allereerste echte supranationale samenwerkingsverband in West-Europa en werd in 1951 opgericht met het Verdrag van Parijs. Zes landen tekenden mee: België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland. Waarom juist deze? Kolen en staal waren destijds de motor van de industrie en wapens, denk aan tanks en kanonnen in de wereldoorlogen. Door kolen en staal samen te beheren, wilden de leiders voorkomen dat landen die weer tegen elkaar gingen gebruiken. Frankrijk was bang voor een herbewapend Duitsland, maar door deze gemeenschap kregen ze gezamenlijk toezicht op de productie. De EGKS creëerde een gezamenlijke markt zonder douaneheffingen voor deze grondstoffen, wat de handel boostte en de economieën aan elkaar bond. Robert Schuman, de Franse minister, noemde dit de 'Schumanverklaring', een plan om vrede te garanderen door economische verwevenheid. In de praktijk betekende het dat een hoge autoriteit beslissingen nam voor alle zes landen, wat een primeur was: landen gaven een stukje soevereiniteit op. Voor jouw examen: onthoud de zes landen, het jaar 1951 en het doel, vrede door kolen en staal. Dit was de blauwdruk voor latere verdragen.

De Europese Economische Gemeenschap (EEG): van kolen naar vrije handel

Slechts zes jaar later, in 1957, gingen diezelfde zes landen een stap verder met het Verdrag van Rome, waarmee de EEG werd opgericht. Dit was veel breder dan de EGKS: het ging om een douane-unie en vrije handel in bijna alle goederen. Geen interne grenzen meer voor handel, gemeenschappelijke buitenlandse tarieven en uiteindelijk een volledige economische integratie. Het idee was simpel maar revolutionair: door producten, diensten, kapitaal en uiteindelijk zelfs arbeiders vrij te laten bewegen, zouden de economieën groeien en de welvaart toenemen. In de jaren zestig leidde dit tot een boom: banen, goedkopere producten en meer samenwerking. Nederland profiteerde enorm, met onze havens en industrie. De EEG begon met zes leden, maar breidde uit, in 1973 kwamen het VK, Ierland en Denemarken erbij. Dit verdrag legde de basis voor de interne markt die we nu kennen. Vergelijk het met een vriendengroep die eerst alleen pizza deelt (EGKS), maar later alles samen koopt en eet (EEG). Op je toets kun je scoren door te uitleggen dat de EEG in 1957 ontstond uit het Verdrag van Rome en gericht was op economische groei en eenheid in West-Europa.

Comecon: het communistische antwoord uit het Oosten

Terwijl West-Europa de EGKS en EEG opzette, deed het Oostblok iets vergelijkbaars, maar dan onder Sovjet-invloed. In 1949 richtten de Sovjet-Unie en acht andere communistische landen de Comecon op, de Raad voor Wederzijdse Economische Bijstand. Landen als Polen, Tsjechoslowakije, Hongarije, Roemenië, Bulgarije, Albanië en later Oost-Duitsland werkten hierin samen. Het doel was om de economieën van het Oostblok te coördineren en afhankelijk te maken van Moskou, als tegenwicht tegen de westerse EEG. In theorie ging het om specialisatie, de ene fabriekt machines, de ander textiel, maar in praktijk dicteerde de USSR alles, met weinig echte vrije handel. Comecon was minder succesvol dan de EEG, omdat het planeconomieën waren en er corruptie en inefficiëntie heerste. Het viel uiteen in 1991 met de val van de Sovjet-Unie. Voor het examen is dit belangrijk als contrast: West-Europa koos voor kapitalistische integratie (EGKS/EEG), het Oosten voor communistische (Comecon), wat de deling van Europa tijdens de Koude Oorlog illustreert.

Van EEG naar EU: het Verdrag van Maastricht als sluitstuk

De EEG evolueerde verder en in 1992 sloten de lidstaten het Verdrag van Maastricht, dat in 1993 van kracht werd. Dit veranderde de Europese Gemeenschap in de Europese Unie (EU) en ging voorbij pure economie: het introduceerde politieke samenwerking, een gemeenschappelijk buitenlands beleid en de basis voor de Economische en Monetaire Unie (EMU). Uiteindelijk leidde dit tot de euro in 2002. Het verdrag verdeelde de EU in drie pijlers: economie (EEG-opvolger), buitenlands beleid en justitie. Nederland was een voorstander, want het versterkte onze positie in Europa. Dit verdrag markeert het einde van de puur economische fase en de start van een politieke unie. Denk aan hoe het vandaag speelt: zonder deze verdragen geen Schengen, geen euro of gezamenlijke aanpak van crises. Voor je toets: het Verdrag van Maastricht uit 1993 maakte van de EEG de EU en legde de euro vast.

Waarom deze verdragen ertoe doen voor jouw examen

Deze economische verdragen tonen hoe Europa na 1945 vrede en welvaart nastreefde te midden van de Koude Oorlog. EGKS (1951, kolen en staal, 6 landen) en EEG (1957, Verdrag van Rome, vrije handel) bonden West-Europa, terwijl Comecon het Oosten hield. Maastricht (1993) maakte het af met de EU. Oefen met vragen als: 'Wat was het doel van de EGKS?' of 'Verschil tussen EEG en Comecon?'. Begrijp de chronologie en gevolgen, en je haalt hoge cijfers. Succes met leren, dit is de kern voor paragraaf 49!